Archief

De Moeder Gods: Het Lichaam van Mijn Zoon werd aan flarden gescheurd

23.45 u

Mijn kind, velen begrijpen Mijn rol als Medeverlosseres niet. Noch weten zij waarom dat zo is.

Toen Ik de oproep om de Moeder van God te worden aanvaardde, was Ik gebonden aan het Verbond van Gods redding voor de mensheid.

Toen Ik Mijn Zoon ter wereld bracht, voelde Ik dezelfde liefde die elke moeder voor haar kind heeft. Dit zuivere, mooie, kleine jongetje was een deel van Mij, Mijn eigen vlees en bloed. Toch was Ik Mij er ook van bewust dat Hij niet zomaar een kind was. Zijn Geest trad Mijn ziel binnen zodra Ik Hem aanschouwde. Hij en Ik waren eendrachtig met elkaar verstrengeld waarbij Ik elke emotie, vreugde, pijn en de liefde, die door Hem stroomde, voelde. Ik wist bovendien dat Hij goddelijk was en dat Ik, als zodanig, louter Zijn Dienstmaagd was, hoewel Hij Mij dat nooit liet voelen.

Als baby legde Hij Zijn goddelijk hoofd altijd dicht tegen Mijn borst en murmelde met zo’n emotie woordjes van liefde, dat het Mijn Hart vervulde en Ik het gevoel had alsof het zou barsten van geluk. Hij, dit kleine Kindje van Mij, werd alles waarvoor Ik leefde. Elke aanraking vervulde Mij met zo’n ongelooflijke tederheid en vreugde. Al diegenen die Hem zagen, zelfs als baby, vertelden Mij altijd hoe bijzonder Hij was. Zijn doordringende ogen bewogen hun ziel en velen wisten niet waarom.

Deze bijzondere band tussen Mij en Mijn geliefde Zoon zou nooit verbroken kunnen worden. Ik wist dat Ik enkel geboren was opdat Ik Zijn Moeder zou kunnen worden. Deze taak was de enige reden van Mijn bestaan.

En dus gaf Ik gehoor aan elk van Zijn behoeften, en Hij stelde met zo’n liefde en mededogen al Mijn noden voor de Zijne. Aan Zijn verlangens werd door Mij, Zijn Moeder, Zijn nederige Dienstmaagd, altijd tegemoetgekomen.

Toen men niet geloofde dat Hij de Mensenzoon was, terwijl Hij de waarheid verkondigde en deed wat Zijn Vader verlangde, weende Ik bittere tranen. Hoe verscheurde het Mij, toen Ik Zijn vervolging moest aanschouwen.

Ik onderging Zijn pijn, niet alleen maar zoals elke moeder dat zou doen – als zij de pijn zouden zien die hun kind aangedaan werd – Zijn pijn werd de Mijne en die van Mij werd de Zijne.

Zij dwongen Hem te stappen, de handen vooraan vastgebonden met touwen rond Zijn middel, zodat Hij kon stappen – enkel schuifelend en stukje bij beetje.  Terwijl het kruis op Zijn verscheurde en uitgeputte Lichaam gegooid werd, was Mijn pijn zo ondraaglijk dat Ik voortdurend flauwviel.

Mijn pijn was niet enkel lichamelijk, Mijn smart doorboorde ook Mijn Hart en scheurde het in twee. Mijn Hart is tot op de dag van vandaag met dat van Mijn Zoon verstrengeld, en zo herbeleef Ik tijdens de Goede Week, samen met Mijn Zoon, de pijn, de kwelling en de vervolging helemaal opnieuw.

Kinderen, de uiteenzetting van het barbaarse dat Mijn Zoon aangedaan werd, zou voor jullie onmogelijk te vatten zijn, zo wreed was de geseling. Het Lichaam van Mijn Zoon werd aan flarden gescheurd.

Vergeet nooit dat Hij de Mensenzoon was, gezonden om iedere ziel op aarde te verlossen, met inbegrip van diegenen die vandaag de dag in de wereld leven. Hij stierf in een verschrikkelijke doodsstrijd om eenieder van jullie, de mensen van vandaag, te redden. Zijn lijden eindigde niet op Calvarië. Hij zal het nog ondergaan tot op de grote dag van Zijn Tweede Komst.

Diegenen die deze waarschuwingen van de Hemel negeren, zijn vrij dat te doen. Zij zullen om deze afwijzing niet veroordeeld worden. Maar als zij zich nog meer distantiëren van de waarheid van deze openbaringen uit de Hemel, zullen ze in de verleiding komen om te zondigen. De zonden waartoe zij verleid zullen worden, zullen deze zijn die niet langer, door de vijanden in de Kerk van Mijn Zoon op aarde, als zonde aangegeven worden.

Bedankt, kinderen, om het openstellen van jullie geest, jullie hart en ziel voor deze oproep vanuit de Hemel, die jullie toegezonden wordt vanwege de liefde die God al Zijn kinderen toedraagt.

Jullie geliefde Moeder

Moeder van de Verlossing